Smokkelaar

Smokkelaar

Ik was een week in Bretagne. En zag er de prachtige rotskust. En tussen die rotsen hier en daar paadjes die 'sentiers des douaniers' worden genoemd. Er liepen toeristen. Geen douanier gezien. Laat staan een smokkelaar.

Smokkel bestaat, dat is zeker. Maar wordt het woord 'smokkelaar' nog gebruikt? Vanmiddag kreeg ik er heimwee naar. Want ik luisterde op het Bickers-eiland in Amsterdam naar het Amsterdams Smartlappenkoor dat met overgave levensliederen en smartlappen zong, waaronder het treurige lied dat het volgende refrein heeft:

Hij was een smokkelaar,
Die diep in de nacht
Steeds weer zijn smokkelwaar
De grens over bracht.
Klein was het smokkelloon
En vol met gevaar.
Zo is het leven van een smokkelaar.

Het bracht me de tijden van vlak na het einde van de Tweede Wereldoorlog weer eens in gedachten, toen je bij de Nederlands-Belgische grensovergang met geduchte douanecontrole te maken kon krijgen. Het overkwam me toen de trein bij Eijsden nog speciaal voor zo'n controle stopte. Ik droeg in 1948, als 18-jarige reiziger, heel artistiek een zwart ribfluwelen jasje en op het hoofd heel schuin een zwarte alpinopet. Daarmee kon ik in de cafés Reinders en Eylders in de hoofdstad en zelfs bij mijn werkgever Swets & Zeitlinger redelijk goed terecht, maar achteraf bekeken kan ik me voorstellen dat de Limburgse douane-ambtenaren dachten: 'die snoeshaan gaan we nader bekijken'. Niet alleen keken ze tussen mijn boterhammen, maar ze lieten me ook alles wat ik aan artistieks en burgerlijks als kleding droeg uittrekken, keken zelfs tussen mijn naakte billen. Ik meen me te herinneren dat in die tijd vooral smokkel van boter profijtelijk was en dat het ook gold voor zaken als bananen en sigarettenvloeitjes. Ze vonden niks.

Goeie ouwe tijd. Ik denk dat tegenstanders van de Europese Unie dat in hun weerzin meenemen.

Maar we hebben de herinnering. Zoals verwoord in het lied over het leven van de smokkelaar.

Een jonge blonde grenscommies
Deed trouw zijn plicht als mens.
Straks trouwde hij met Annelies,
De liefste van de grens.
Toch was er nog een groot bezwaar.
Hij heeft het nooit ontkend.
Haar vader stond al jaren lang
Als smokkelaar bekend.

En op een bange winternacht
Is het opeens geschied:
Hij zag een bende smokkelaars
En riep 'Halt of ik schiet'.
Een smokkelaar sloeg op de vlucht.
Hij schoot. En wat was dat?
Zwaar gewond lag op de grond
De vader van zijn schat.