Zwitsers vuur

Zwitsers vuur

Op 18 en 19 april zal dit jaar, 2010, in Zürich weer het jaarlijkse feest van het zes-uur-luiden plaats vinden, dat in goed Zwitserduits sächsilüüte heet. Jacqueline Crevoisier en Rien van der Schee zullen het gaan meemaken en ik vertrouw er op dat ze me na terugkeer van hun reis uitgebreid verslag zullen doen.

Het belangrijkste wat ze zullen moeten vertellen is hoe lang het dit keer geduurd heeft voordat het hoofd van de böögg omkieperde en naar welke kant zijn hoofddeksel is gevallen. Daar wordt betekenis aan gehecht, en ook andere effecten van het vuur worden door ingewijden geïnterpreteerd op hun voorspellende waarde.

De böögg is een fiks uit de kluiten gewassen pop, die een sneeuwpop voorstelt met een heel specifiek hoofddeksel.

Als ik het goed heb begrepen, komt, wanneer de kop van de böögg gevallen is, vuurwerk vrij. Ik, als geobsedeerd zoeker naar symboliek in geïnstitutionaliseerde verschijnselen, ga de tijd nemen om na te denken over de diepere betekenissen die in deze traditie besloten moeten liggen.

Veel hangt af van de tijd die het hoofd neemt om vlam te vatten en te vallen. Als die kop lang stand houdt - bijvoorbeeld wel acht minuten na het aansteken van het vuur - dan mag een mooie warme zomer verwacht worden. Gebeurt het al na een minuutje, dan is dat onheilspellend en moet er met een minder goede zomer rekening worden gehouden.

Het is een traditioneel zonnewendefeest, waarme het einde van de winterkou en het begin van de zomer wordt gevierd. Allerlei groepen, gilden, manifesteren zich tijdens optochten in traditionele klederdrachten. Van Jacqueline heb ik en passant vernomen dat ooit daar in Zürich actie is gevoerd ten gunste van deelname door een speciale groep bewuste-vrouwen. Het is immers niet slecht wanneer traditie zich van tijd tot tijd verrijkt met emancipatie-fenomenen.

Vuur, het moet er wezen. Jacqueline heeft me ook gewezen op de vuren die in de bergen worden ontstoken op één augustus, de Zwitserse nationale feestdag. Ik zal mijn zoon Pepijn, die een vuurmens is, op dit alles moeten wijzen. Wellicht gaat hij eens een studiereis maken langs de vele, verschillende vuurtradities in de wereld. Om te beginnen gaat hij zelf zijn bijdrage leveren: deze zomer zal hij in Frankrijk, in Bourgogne weer een heel groot houten dier bouwen dat, wanneer het klaar is, een heuvel wordt opgesleept opdat het ter ere van de Heilige Johannes in de fik wordt gestoken.