Passiebloem

Passiebloem

In het voortuintje aan de straatkant bloeit nu de passiebloem. Dat wil zeggen: er staat daar een plant die zijn pracht aan bloemen laat zien. Ik kan niet zeggen hoeveel. Tien? Twintig? Sommigen moeten nog open gaan. Anderen waren al open maar gaan dicht als ze het buiten te koud vinden. En anderen spreiden hun wonder in volle glorie uit voor bewoners en passanten. Rondom is hun onmiddellijke Umwelt van stengels, bladen en haarfijne pijpekrulletjes, die verlangend reiken naar mogelijkheden tot omstrengeling. Tussen deze overdaad bouwen dikke spinnedames hun webben, nu de herfst, ook officieel, gekomen is.

Je kunt er niet achteloos aan voorbijlopen. Elk zo'n bloem dwingt tot meditatie. Je staat ervoor en het minste wat je wel bedenken kunt is dit: aan welke hemelse tekentafel is dit ontworpen? Solzjenitsyn heeft geschreven dat hij geen jonge eendjes kan zien zwemmen zonder zijn godsgeloof bevestigd te zien. Eerlijk gezegd heb ik dat ook wel, maar misschien nog wel meer bij de passiebloem. Dit heeft een mensenbrein toch niet kunnen bedenken.

Bij de onvolprezen Wikipedia lees ik dat de naam misschien gegeven is door Spaanse missionarissen in Zud-Amerika. Ik lees: 'Toen zij de bloem in Zuid-Amerika ontdekten, zagen zij in de vijf kelk- en de vijf kroonbladeren een verwijzing naar de tien apostelen behalve Petrus en Judas. De drie stampers leken op de spijkers waarmee Jezus Christus aan het kruis werd genageld.'

En ik denk: 'Ja, zo lust ik er nog wel een.' Het samenspel van vijftal en drietal is wel opvallend en intrigerend. Maar mag het niet zó maar een mathematische schoonheid zijn?

Die overlevering betreffende de betekenisgeving door Spaanse missionarissen is op zichzelf wel een teken: dat je niet aan deze bloemen voorbij kunt gaan zonder tot vèrgaande bespiegeling te geraken. Dat is de kracht van de schoonheid.