President Hollande

President Hollande

Soms overkomt het een maker van en recensie dat zijn schrijfsel om een of andere reden niet wordt geplaatst in het tijdschrift dat hem het betreffende boek heeft toegezonden. Wat doet de recensent dan. Als hij zijn eigen internettijdschrift heeft, zoals ondergetekende, dan zet hij die zijn tekst daar neer. Dan kan hij het troostrijke idee krijgen dat hij die letters niet helemaal voor de kat z’n kont bijeen heeft gebracht. hier volgt een voorbeeld van zijn niet-geplaatste tekst.

Aart van Zoest over
Laurent Binet, Niets gaat zoals verwacht
Ondertitel: Een fascineren kijkje achter de schermen van een politieke campagne

De titel van het boek is onzinnig. Het had ‘Verkiezingscampagne’ moeten heten, want het gaat over de verkiezingscmpagne van François Hollande die er toe heeft geleid dat hij tot president van Frankrijk is gekozen. Veel is er toen gebeurd dat wel ging zoals verwacht, volgens peilingen met name. Laurent Binet heeft die campagne op de voet kunnen volgen door zich tijdens de gehele aanzet tot de verkiezingen (twee ronden) in het kielzog van de socialistische kandidaat op te houden. Dat kon Binet voor elkaar krijgen doordat hij in 2010 als auteur bekendheid had gekregen door zijn opmerkelijke roman HhhH, waarvoor hij de Prix Goncourt. kreeg. Aldus heeft hij in Frankrijk de status van beroemd schrijver verworven, hetgeen zijn speciale plaats rechtvaardigde in de stoet van kandidaat Hollande, die accordeerde dat Binet een boek over de politieke veldtocht maken zou.
Binet schrijft zijn verslag in de vorm van een dagboek. Nauwgezet noteert hij wat er gebeurde, maar steekt in zijn notities zijn eigen gevoelens en bedenkingen niet onder stoelen of banken. De eerste bladzijden van het boek bieden een ordeloze reeks van heel korte weergaven van de eerste wervende bijeenkomsten in heel het land. Je moet dan als Nederlandse lezer wel even doorzetten; niet-Fransen kunnen lang niet altijd, bij genoemde eigennamen zich een context en gezichten voor de geest halen, hetgeen voor Fransen uiteraard wèl geldt. Er komt bij dat de vertelwijze en stijl van Binet lakoniek is en dat hij veel bekend veronderstelt. Meesmuilen is er voor ons niet bij, dus moeten we het hebben van interesse voor een curieus fenomeen dat zich voordoet in landen waar alleen tomeloze ambitie, een bijbehorend doorzettingsvermogen en een goede ondersteunende organisatie kunnen leiden tot de verkiezingsoverwinning. Het komt wel aan op een politieke boodschap, maar veel meer nog door een beeldvorming die het publiek behaagt. De machtigste pionnen in het verkiezingsspel zijn de journalisten, die de kandidaat omringen waar hij zich ook maar vertoont. Binet noteert: ‘Ik begrijp vrij snel wat de exercitie inhoudt: de politicus steekt een praatje af waar de journalisten niet naar willen luisteren. Omgekeerd proberen de journalisten hem iets te ontlokken wat hij niet wil zeggen.’ De met Hollande meereizende ondersteuners zijn voormannen binnen de partij. Zij zetten zich vooral zo ijverig voor Hollande in omdat zij bij een overwinning mogen rekenen op een goede beloning, bijvoorbeeld in de vorm van een ministerspost.

Wat ons Nederlanders zal opvallen is de scherpe visie van Binet, die het hem mogelijk maakt om te tonen welke kunstgrepen er bij politiek op het hoogste niveau gebruikt worden om het gedrag van kiezers te beïnvloeden. Die verleidingstechniek houdt in dat, wanneer Hollande zich langs verschillende centra in Frankrijk beweegt, er ter plekke altijd een plaatselijke beroemdheid zich aan zijn zijde laat zien. Binet heeft een goed oog voor bepaalde taaltrucs die de presidentskandidaat steevast hanteert: Hollande verwijst graag naar bekende feiten uit de Franse geschiedenis en refereert zodoende meer aan patriottisme dan aan politieke stellingname. Die houding werkt voor Hollande statusverhogend. Zo promoveert hij zichzelf van politicus tot staatsman. Ook in zijn gevolg wordt dit voorbeeld gevolgd; Binet vertelt over Montebourg (ondertussen ‘ministre de redressement productif’) dat deze tijdens een bijeenkomst, waar ook ondersteunende guest star Michel Piccoli aanwezig is, ‘de menigte groet als een Romeinse keizer’. Voor aanstormende politieke leiders in de gehele wereld kan het leerzaam zijn dat Binet ook wijst op een allereenvoudigste retorische kunstgreep waarvan Hollande zich in zijn toespraken steevast bediende: de anafoor. Dat is simpel gezegd de herhaling van een bepaalde eenvoudige taalformule aan het begin van zinnen in het betoog. ‘De herhaling van woorden of woordgroepen aan het begin van de zin, de ware stijlfiguur voor een volkstribuun’, stelt Binet.

Meulenhoff, vertaling Liesbeth van Nes, 287 p. € 19,95