Bibi

Bibi

In de krant lees ik dat in Klagenfurt een Galapagos-reuzenschildpad, aan wie de naam Bibi is gegeven, al 115 jaar 'aan onafscheidelijk liefdespaar' vormde met een andere Galapagos-reuzenschildpad, die de mensen Poldi hebben genoemd. En nu ineens is Bibi boos geworden op Poldi. Hij valt haar aan, bijt haar en houdt niet op. Ze hebben ze uit elkaar moeten halen.

Dat is nu nieuws dat me interesseert. Ik lees dat beide schildpadden geboren zijn in 1897 en samen zijn opgegroeid. Dit soort dieren, lees ik, kan 150 jaar of ouder worden. Dat maakt mogelijk dat de journalist die het artikel schreef kan besluiten met een grap: 'misschien kan de breuk worden toegeschreven aan een midlife-crisis'.

Je moet natuurlijk antropomorf denken om zo'n grap te kunnen maken. Zo denk ik onmiddellijk, wanneer ik over Bibi's woede lees: wat zal die Poldi geschrokken zijn; die begrijpt er natuurlijk niets van.

Het bericht brengt mij ertoe om in eigen ziel te kijken. En wat merk ik? Het doet me genoegen dat te lezen. Het bericht is namelijk waard om een bericht te zijn, omdat het over iets laat weten dat totaal onverwachts en onbegrijpelijks.

Waar we met Onverwacht en Onbegrijpelijk te maken krijgen, wordt de slaperigheid van onze gemakzuchtige interpretatie-routine doorbroken. Ik kan er, eerlijk gezegd, van genieten om af en toe te stuiten op verschijnselen in de werkelijkheid die totaal geen kans bieden aan wijsneuzige verklaardrift. Maar die wel van een een wonder doen dromen. Ik kan er bijvoorbeeld van dromen dat vlak voordat Bibi in 2047 de geest gaat geven, het dier ineens zijn schildpaddenbek opent en in onvervalst Nederlands laat weten: 'Ze smakte zo bij het eten en ineens kon ik dat niet langer meer verdragen.'