Eenden te gast

Eenden te gast

Een verrassing in de achtertuin: een eendenpaar is bij ons neergedaald. Tussen het lage groen van de geraniums staan ze lang onbeweeglijk. Net zo verbaasd over die rare plek als wij zijn over hun aanwezigheid. Zangvogels, oké.
Maar eenden...

Het is een echtpaar, dat zie je zo. Mannetje en vrouwtje hebben een geheel verschillend verenkleed. Men zegt gemeenlijk dat de vogelmannetjes mooier zijn dan de vrouwtjes. Moet ook wel, want meestal moeten ze zich nogal uitsloven om te behagen aan vrouwtjes, en dan nog aan die onder de vrouwtjes die paringwillig zijn, zoals biologen dat zo mooi noemen. In zo'n situatie wil je je wel uitsloven om goed voor de dag te komen.

Het is waar dat het eendemannetje spectucalairder oogt dan het vrouwtje, vooral met dat wisselend kleureffect in het groenblauw van hals en kop En ook met zijn witte halsband. Aan zijn houding en gedrag kun je merken dat hij zelf ook tevreden is met zijn persoontje, zo'n eendeheertje. We kunnen dat wellicht in verband brengen met zijn nogal ruw optreden tijdens de paring. Ik weet dat niet uit eigen waarneming maar ga vol vertrouwen af op wat ik ooit gelezen heb in het kostelijke boekje 'Eend voor eend' van Guus Kuijer.

Maar ik heb alle tijd om de bescheidener geachte schoonheid van de dameskleding te beschouwen, want terwijl het mannetje begint rond te scharrelen, bewaart zijn gade volkomen onbeweeglijkheid. Ik heb ook het idee dat ze mij in de gaten houdt. Haar kleed is fraai getekend, donkerbruin op lichterbruin, met een beige staart waarop wel een hartje schijnt te zijn afgebeeld. Niet de kleurenvariatie van meneer, dat is waar; zij heeft gekozen voor teint sur teint, zoals dat in modekringen heet.

Het mannetje komt voorzichtig in beweging. Hij schuifelt omzichtig voorwaarts. Af en toe kan het de schijn hebben of hij op de bodem iets eetbaars zoekt. Hij komt bij een holle steen waarin regenwater staat en daar komt hij tot enig geslobber dat beter bij de bouw van zijn bek past. Ik geniet van zijn genieten. Gelaafd zet hij zijn onderzoek voort; hij begint zelfs wat te porren in begroeiing langs de schutting.

Zou hij zich hier blijvend willen vestigen? Ik heb de indruk dat het idee hem niet tegen zou staan. Mevrouw staat volkomen roerloos. Haar blik verraadt geen enkele emotie. Ze weet haar plaats, denk ik. En dan surprise. Ze strekt zich uit, stijgt statig op en vliegt weg. Hij trekt verrast een wenkbrauw op. Tja, hij moet wel. Hij fladdert haar tijdig achterna.

Zo, denk ik. Ook bij de eenden liggen de verhoudingen zo.