Ida Gerhardt

Ida Gerhardt

Mijn Bilthovense vriendin schreef een gedicht van Ida Gerhardt over op een kaart die ze me stuurde. Ik geloof te weten waarom. De dichteres verwoordt op volmaakte wijze, qua poëtische formulering en qua gevoel, wat we bij het ouder worden ervaren.

Ik had het al eens gehoord, toen ik iemand vroeg waarom hij de columns van Nico Scheepmaker waardeerde. 'Hij zegt wat ik voel, maar zelf niet goed onder woorden brengen kan.'

Dàt ervaar ik, wanneer ik het gedicht 'Genesis', van Ida Gerhardt, uit de bundel Sterreschip, lees. Mijn dierbare vriendin heeft zich in dit gedicht herkend. En door haar kaart heeft ze me een cadeau bezorgd: dankbare herkenning, die ik nu met haar deel.

GENESIS

Oud worden is het eindelijk vermogen
ver af te zijn van plannen en getallen;
een eindelijke verheldering van ogen
voordat het donker van de nacht gaat vallen.

Het is een opengaan van vergezichten,
een bijna van gehavendheid genezen,
en aan de rand der tijdeloosheid wezen,
of in de avond gij de zee ziet lichten.

Het is, allengs, een onomstotelijk weten
dat gij vernieuwd zult wezen en herschapen,
wanneer men van u schrijven zal: “ontslapen”,
wanneer uw naam op aarde is vergeten.