Boomkruiper op de Bloemgracht

Boomkruiper op de Bloemgracht

Luttel gepiep in de iep voor de deur. Gelukkig beweegt ie, want anders zou je hem niet zien - zijn schutkleur maakt hem onzichtbaar. Hij is mij, begin februari, een bode van de lente aan de Bloemgracht. De boomkruiper.

Zoiets kan mijn dag goed maken. Een maand geleden had ik ook zo'n verrassing: een winterkoninkje scharrelde tussen pieterige struikjes aan het begin van de Rooseveltlaan, niet ver van het Victorieplein, waar Berlage stoer staat voor de Wolkenkrabber, de sympathiekste wolkenkrabber ter wereld, omdat hij een kleuter onder de wolkenkrabbers is, waar Osama zijn neus voor ophaalt, daar kunnen we godzijdank zeker van zijn. Ik was op weg naar de tandarts, die dag van het winterkoninkje. Sindsdien ben ik die gang meermalen gegaan, maar de winterkoning heb ik, ondanks koortsachtige oplettendheid, niet meer teruggezien.

Het zal mij met die boomkruiper wel weer net zo vergaan. Ik kon niet aan de voet van die winterse, bladerloze iep blijven, omdat mijn plicht me riep naar de Noordermarkt, waar twee kokette stoeltjes voor (een buitenkansje!) samen vijftig euro konden worden aangeschaft - dat ging vòòr mijn ornithologische aanvechtingen. Nu ik dit schrijf en de iep weer voor mijn neus heb, is er geen spoor van de boomkruiper meer te bekennen.

Ik denk dat het vogeltje al weer op weg is naar de Achterhoek, zo stel ik me dat voor. Ik zou daar ook liever wezen, als ik een boomkruiper was. Een doodenkele keer heb er daar wel eens eentje gezien, wanneer ik door de laan met statige beuken in het bos van Verwolde mijn pelgrimstocht maakte naar de Dikke Boom. Ja, de Achterhoek biedt een aristocratisch landschap en daar vertonen, in tegenstelling tot de -kruipers, de boomklevers zich onbevangen als jonge meisjes in de Kalverstraat. Allemaal een kittig blauw rugkleed (ik bedoel: de boomklevers) dat ze unverfroren showen wanneer ze langs de stam benedenwaarts gaan. Alleen in die richting verplaatsen ze zich, als ze te voet langs de stam gaan.

Wat de boomkruiper in de Jordaan betreft, ik dank hem voor de leuke verrassing die hij mij heeft bezorgd. En wat zijn eventuele wederkeer betreft, volg ik het voorbeeld van De Kleine Rudolf van Aart van der Leeuw die op een bepaald moment in zijn leven besluit om niets te verwachten en dan alles als een meevaller kan beschouwen.

Ik heb aan de Bloemgracht trouwens niets te klagen op vogelgebied. De meerkoeten, eenden, meeuwen, zwanen, ganzen, merels, mezen (kool- en pimpel-) laten ons niet in de steek. Zelfs kauwtjes, roeken, eksters, Vlaamse gaaien passeren. En hoog in de lucht straks weer de gierzwaluwen.