Alain-Fournier, narratieve preutsheid

Alain-Fournier, narratieve preutsheid

'Le Grand Meaulnes', het meesterwerk van Alain-Fournier verscheen in hetzelfde jaar als het eerste deel van Prousts 'A la recherche du temps perdu'. En de poëziebundel 'Alcools' van Apollinaire. Dat was 1913. Het laatste jaar van zorgeloze jaren, 'la belle époque'. De gore ellende van de twintigste eeuw moest nog beginnen.

Wat voor een soort roman is 'Le Grand Meaulnes'? Het kan een realistische roman lijken, die geplaatst kan worden in een negentiende-eeuwse traditie. Wie kennis wil nemen van het leven in de Franse provincie in vroeger tijden en hier en daar nog in onze dagen, kan in dit boek terecht: dorpsschooltje, boerderij, kruidenier, smederij, kasteeltje, woonwagen, scholieren die gaan baden in de rivier, oude tante die een jongetje een centje in de hand drukt.

Deze setting van de roman is, denk ik, een van de belangrijkste charmes van het verhaal. Het doet denken aan een schilderij. Van een pointillist bijvoorbeeld: allemaal stipjes die samen een kleurig geheel vormen. Of een Vermeer, vanwege de eerbied voor het dagelijkse, het gewone, voor dat wat je over het hoofd zou kunnen zien, maar dat waarschijnlijk het allerbelangrijkste in een mensenleven is.

'Le Grand Meaulnes' is geen realistische roman. Met 'mengeling van droom en werkelijkheid' of de kwalificatie 'symbolistisch' komt men dichterbij het essentiële. Bij de geheime waarheid van het verhaal. De aantrekkingskracht van het boek moet daarmee verband houden.

Vraag: waarom is de waarheid van het boek geheim? Antwoord: omdat het een preuts boek is.

Preutsheid. Wat is het ook weer? Iets dat uit de tijd is. Maar dat ontroert wanneer het zich voordoet. We weten dat preutsheid een geheim beschermt, tegen mogelijke ontsluiering. Preutsheid is een bolwerk dat is opgericht rond een schat waarvan het bestaan door anderen kan worden bevroed.

Steekt er een geheim in 'Le Grand Meaulnes'? Zeker. Er is een expliciete aanwijzing. De laatste drie hoofdstukken heten namelijk 'Het Geheim'. Daar wordt het belangrijkste geheim aan de lezer uitgeleverd: Augustin Meaulnes heeft, alvorens met Yvonne de Galais te trouwen, een liefdesrelatie gehad met Valentine Blondeau, de verloofde van Frantz de Galais. Frantz, die door Meaulnes wordt genoemd 'de meest fantastische jongen ter wereld' (le garçon le plus merveilleux du monde), 'mijn avonturenbroeder' (mon frère d'aventures).

De gegevens over dat geheim worden op een bijzondere manier verstrekt. De lezer komt het gehele verhaal over Meaulnes en zijn 'grote avontuur' (zo vertaalde Max Nord de titel in het Nederlands) aan de weet volgens een beproefd vertelprocédé: een verteller spreekt over gebeurtenissen van vroeger. De verteller is de volwassen geworden François Seurel, die in het verhaal zijn bescheiden rol speelt, hoofdzakelijk als schoolkameraad van Meaulnes. Als een nabije getuige dus.

François komt het geheim van Meaulnes aan de weet komt door een schrift dat hij bij toeval vindt na de dood van Yvonne, wanneer Meaulnes verdwenen is. Daarin staan geheime dagboeknotities van Meaulnes.

Het is een summier dagboek. Meaulnes heeft het maar een korte tijd bijgehouden. Verteller François neemt in eerste instantie de notities van Meaulnes over in in zijn verhaal, in de directe rede. Dat betekent dat de verteller zijn focalisatie uit handen geeft - hij laat de ander vertellen wat er gebeurd is. Zoiets wordt gedaan wanneer de te vertellen waarheid cru wordt gevonden. Cru? Het meest schokkend kan zijn dat Meaulnes in zijn dagboek beschrijft dat hij met Valentine een uitstapje maakt en haar dan laat doorgaan voor zijn vrouw. Hij brengt de nacht met haar door.

In deze fase is de vertelling zo 'preuts' dat er lezers zijn, niet de domste, die niet eens in de gaten hebben wat er precies aan de hand is. 'Il avait l'impression de commettre une faute.' zo staat het er. Dat is meer dan een fout maken, zoals het in de Nederlandse vertaling staat. We zitten er dichter bij met 'verraad plegen', 'een morele wet overtreden', 'schuldig zijn', 'zondigen'.

Alain-Fournier, de schrijver, gebruikt, wanneer het over die'zonde' van Meaulnes gaat, de indirecte rede. Dat is een soort sluis, een preutsheids-sluis. En als het dan over het allerintiemste moet gaan, wordt het dagboek onleesbaar.

François vertelt: 'Hij [Meaulnes] had herinneringen opgeschreven aan een paar dagen die ze ergens buiten hadden doorgebracht. Maar vreemd genoeg was het dagboek vanaf dat moment zo onsamenhangend, zo vormeloos, zo haastig geschreven - waarschijnlijk door een gevoel van geheime preutsheid (par un sentiment de pudeur secrète) dat ik dat deel van zijn verhaal heb moeten reconstrueren en herschrijven.' Dat betekent: een narratieve omweg naar de geheime waarheid.

Zoiets is heel geraffineerd. Heel functioneel ook. Alleen heel goede schrijvers doen het zo, intuïtief. Emily Brontë heeft een vergelijkbaar procédé toegepast in haar 'Wuthering Heights'. In dat meesterwerk staat een 'faute' centraal die het gevolg is van een fatale passie. Ook in die vertelling wordt de techniek van de indirecte vertelwijze, als een vorm van preutsheid, toegepast. Zo doen top-schrijvers dat.