Andrej Platonov

Andrej Platonov

Andrej Platonow. Ik heb hem nog maar net ontdekt, dank zij Chris de Bueger. Die was de eerste die mij, samen met zijn vrouw, met grote geestdrift over Platonow sprak. Hij leende mij de roman van Platonow, die in de vertaling van Kees Verheul 'De bouwput' heet. Het is tot dusver het enige dat ik van deze Rus heb gelezen, maar ik weet nu al zeker: dit is een van de allergrootste romanciers van de wintigste eeuw.

Ik zou vele bladzijden nodig hebben om te beargumenteren waarom ik dat vind. Toen ik 'De bouwput' uit had sprak ik even kort over het boek met Chris. Over mijn dankbaarheid dat hij het mij onder ogen had gebracht. Over mijn immense bewondering voor de schrijver. Chris sprak toen het sleutelwoord uit. Het verhaal is met liefde geschreven, zei hij. De essentie van liefde voor een medemens is dat je 'm neemt, volledig, zoals hij of zij is.

Alle personages in 'De bouwput' zijn Russen die de eerste jaren van de Sowjet Unie meemaken. Allemaal mensen uit het volk. De meesten straatarm. De meesten dromen ervan dat ze op weg zullen zijn naar een socialistische samenleving, waarin er verzachting zal zijn van hun harde lot. Ze voelen haat en woede tegen de rijken die hun dit lot hebben bezorgd. De context is het platteland en de rijken ter plaatse zijn boeren-bezitters, de koelakken. Onder de bezitloze schlemielen zijn dromers, oprechte idealisten, achterbakse Strebers, eenvoudigen van geest, allemaal geplaatst in een deerniswekkende maatschappelijke, historische situatie met zijn eigen tragische dynamiek.

Hard werken, leven zonder enig confort in een troosteloze omgeving. Onderling kiften en loeren draaien, maar ook dromen, hopen, filosoferen over een betere toekomst en hoe die moet worden bereikt. Met hardheid, dat is zeker. Er is een tafereel van bittere wraak tegenover de gehate koelakken, die uit hun huizen worden gehaald en op een vlot in de rivier worden gezet en worden afgeduwd. Weg ermee, met de sociale onderdrukkers van voorheen. Het is gruwelijk, maar begrijpelijk.

Het is een roman die inzicht geeft en vooral een lawine aan medegevoel voor de mensen, onvolmaakte mensen net als wij allemaal, die dat hebben moeten meemaken.